Voorwoord
Met tevredenheid breng ik de laatste programmabegroting van de raadsperiode 2018-2022 naar de gemeenteraad. Het is een begroting die in lijn is met het coalitieprogramma en laat ondanks de Coronacrises een evenwichtig en positief resultaat zien voor de komende jaren.
Veel uit het coalitieprogramma is gerealiseerd, maar niet alles. Van het nog niet gerealiseerde staat veel wel in de startblokken, denk aan het Fietspad van Groenlo naar Zwolle, de IKC’s in Groenlo, en verschillende aanpassingen aan een van onze levensaders, de N18.
Ten opzichte van de Kadernota 2022 lijkt het financieel rooskleuriger, maar de positieve ontwikkeling wordt in hoge mate veroorzaakt door de extra rijksmiddelen voor het sociale domein. Deze positieve ontwikkeling wordt overigens ten dele teniet gedaan door het toch doorvoeren van de Opschalingskorting door het Rijk. De invoering van het Woonplaatsbeginsel zal zorgen voor verschuivingen binnen de begroting, maar zal het resultaat niet groots beïnvloeden. Ten slotte wil ik de te verwachten terugval van de dividenden van BNG, Alliander, en Vitens benoemen.
Dat het demissionaire kabinet dat op bepaalde terreinen geen besluiten neemt heeft ook invloed op onze begroting. Denk hierbij aan Jeugd, WMO, en Opschalingskorting. Ook dit brengt de nodige onzekerheden met zich mee.
De invoering van de Omgevingswet (juli 2022) zal veel effect hebben op de samenleving en de gemeentelijke organisatie. De andere rolverdeling zal even wennen zijn.
De ingezette organisatie-ontwikkeling zal tijd en geld vergen, die tot verbeteringen moeten leiden om ook in de toekomst een goede dienstverlening aan onze inwoners te kunnen blijven leveren.