Met het oog op de voorbereiding van de begroting 2022 worden de volgende uitgangspunten voorgesteld:
Nieuw beleid
Bij het opstellen van de ontwerpbegroting 2022 wordt uitgegaan van aanvaard / bestaand beleid 2021 zoals vastgelegd in de begroting 2021 inclusief de vastgestelde wijzigingen. Met betrekking tot de waardering en afschrijving vaste activa wordt aangesloten bij de verordening 212, vastgesteld in december 2018.
Prijsontwikkeling
In de begroting 2022 wordt voor aanvaard / bestaand beleid een algemene prijsontwikkeling van 1,4% gehanteerd. Dit sluit aan met de prijsontwikkeling van het BBP voor 2022.
In de samenstelling van de begroting 2022 worden de salarissen van maart 2021 als uitgangspunt genomen. Tevens dienen de normale periodieke verhogingen, meegenomen te worden. De CAO loopt t/m 31 december 2020. Voor 2022 wordt t.a.v. de loonontwikkeling een stijging 1,4% gehanteerd. De onderhandelingen tussen de VNG en de vakbonden verlopen stroef. De vakbonden houden vast aan een looneis van 2,75% en daar staat een loonbod van de VNG 0,5% tegenover. Vooralsnog hanteren wij derhalve de algemene prijsontwikkeling als richtlijn.
Als gevolg van de invoering van het btw-compensatiefonds per 1 januari 2003 worden de bedragen exclusief btw opgenomen. Een uitzondering hierop zijn onder andere de bedragen voor onderwijs, gezondheidszorg en kosten voor de decentralisaties.
Gemeenschappelijke regelingen
De inwonerbijdrage mag niet meer stijgen dan de prijsmutatie Bruto Binnenlands Product zoals weergegeven in de septembercirculaire gemeentefonds van twee jaar voor het begrotingsjaar.
Voor het percentage van 2022 kijken we naar de septembercirculaire 2020. Hierin staat een prijsontwikkeling van het BBP voor 2022 van 1,4%.
Subsidies
Het indexpercentage waarmee de subsidie maximaal mag stijgen wordt niet meer bepaald aan de hand van de septembercirculaire (methode trapje op trapje af). Het is niet meer reëel dat de indexering van de subsidies gelijk opgaat met de accresontwikkeling. In de normeringssystematiek wordt als basis niet langer meer de netto gecorrigeerde uitgaven gehanteerd, maar de totale rijksuitgaven (inclusief zorg en sociale zekerheid).
De prijsindex voor subsidies wordt nu gelijkgesteld met de index voor gemeenschappelijke regelingen, de prijsindex van het Bruto Binnenlands Product. Dit is voor het jaar 2022 1,4%.
Rente
Het rentepercentage voor toevoeging van rente aan reserves, opgenomen in de staat van reserves en voorzieningen, wordt voor 2022 vastgesteld op 0,5%. Onttrekking uit de bestemmingsreserve met een percentage van 0,25%, welk bedrag wordt toegevoegd aan de exploitatie.
Het omslagpercentage wordt vastgesteld op 0,5%, in de begroting wordt het verwachte financieringsresultaat geraamd.
Demografie/krimp
De te verwerken autonome groei in 2022, aantal rioolaansluitingen, m2 onderhouden groen etc., wordt in de begroting meegenomen. In de toelichting dient expliciet te worden aangegeven met welke groei rekening is gehouden. Daarom niet meer opnemen bij nieuw beleid.
Overige ontwikkelingen
De tarieven voor riolering en afvalstoffenheffing moeten nog herberekend worden.
Als aantal inwoners per 1 januari 2022 wordt 29.600 aangehouden.